Niemand beweert dat je kind een gebroken

been heeft omdat jij naar de dokter ging

 

‘Ze plakken tegenwoordig iedereen een etiket op. Het lijkt wel een grabbelton. Welk stickertje wilt u? Autisme, ADHD, dyslexie, dyscalculie, hoogbegaafdheid of hoog sensitief? Perfect excuus voor de ouders om hun kind niet meer op te hoeven voeden.’ Baf! Als we het toch al over etiketten plakken hebben, is dit wel de hardnekkigste die de ronde doet. Deze opmerking komt namelijk uit de monden van mensen die simpelweg niet weten waarover ze het hebben. En dat kortzichtige vooroordeel heeft al teveel schade berokkend. Hoog tijd voor een tegenoffensief.

 

 

 

Even wat dingen op een rijtje.

Allereerst plakken ze etiketten in een fabriek en een psycholoog of psychiater stelt een diagnose. En aan zo’n diagnose stellen gaan heel wat onderzoeken vooraf. Thuis, op school en bij andere betrokken partijen zoals een logopedist of fysiotherapeut. Dat betekent bergen formulieren invullen, observaties, gegevens verzamelen, gesprekken voeren en evaluaties. Inderdaad, een zeer langdurig en tijdrovend proces waar vaak maanden overheen gaat. Eerste vooroordeel getackeld. Een diagnose krijg je niet zomaar. Het is alles behalve makkelijk! Is het noodzakelijk? Jazeker! Want als je niet weet waarom je kind zich zo anders ontwikkelt of afwijkend reageert, hoe kun je het dan passende hulp bieden? Kortom, je doet je kind er écht geen plezier mee als je als een vakkundige struisvogel je hoofd in het zand steekt. En uiteindelijk jezelf ook niet.

 

Stel dat je kind in een boom klimt en eruit valt.

Hij huilt en jammert dat zijn been zo’n pijn doet. Sterker nog, hij kan niet meer lopen. Als adequate ouder breng je jouw kind naar een arts voor de nodige medische zorg. Er is werkelijk waar niemand die je afraadt naar de arts te gaan voor foto’s en onderzoek en het aanmeten van gips. En helemaal niemand beweert dat je kind een gebroken been heeft omdat jíj met het kind naar de dokter ging. Verder verwijt niemand jou dat jij je kind het etiket ‘gebroken been’ op wilt plakken.

 

 

Maar zodra je kind zich anders ontwikkelt treedt er een vreemd mechanisme in werking.

Ontkenning in de hoogste alarmfase. Want, als je het probleem negeert, bestaat het toch niet? denkt en verkondigt de omgeving. De ouders weten wel beter. Vaak hebben die al langere tijd een unheimisch gevoel dat er íets niet klopt. Ze kunnen alleen er niet precies de vinger op leggen wát dat is. Als een adequate ouder na lang aarzelen zijn zorgen uit, is de omgeving er als de kippen bij om dat te ontkennen. In het gunstigste geval beweren ze dat het allemaal wel meevalt. Dat de ouders gewoon wat strenger moeten gaan opvoeden. Want tegenwoordig heeft iedereen een etiket. Hups naar de psychiater, pilletje erin en probleem opgelost. Vroeger bestond al die onzin ook niet. Toen hadden ouders nog tijd voor hun kinderen.

 

Verdrietig genoeg staan soms zelfs partners lijnrecht over elkaar.

De één verwijt de ander dat die het kind wil labelen en wil geen onderzoek. Als hij of zij nou eens zus of zo… dan was het probleemgedrag al snel opgelost. Je kunt het die ontkennende ouder nauwelijks kwalijk nemen. Want het kost tijd om in te zien en te accepteren dat je kind anders is. Het verdriet daarom slaat een wond in het hart van de ouders. En zolang het nog niet zwart op wit staat, is het (nog) niet zo. Toch? De ouder die wel (eerder) stappen wil ondernemen voelt zich mateloos alleen en in de steek gelaten. Het is voor iedereen te hopen dat de relatie deze moeilijke fase overleeft en de ouders elkaar snel weer vinden. Want ouders hebben elkaar meer dan ooit nodig om een bijzonder kind op de juiste wijze op te voeden.  

 

 

 

In ieder geval probeert een adequate ouder te achterhalen wat er aan de hand is door onderzoek te laten doen.

Een diagnose is nog maar het begin van een lange moeilijke reis vol hobbels en valkuilen. Het is het startpunt van de zoektocht naar passende zorg en hulp. En die hulp is alléén verkrijgbaar als er een diagnose is. En die krijg je alleen via een psycholoog of psychiater. Waarom dat een wereld van verschil maakt? Vraag dat maar eens aan die oude man die ik ooit sprak. Met tranen in zijn ogen vertelde hij me dat zijn kleinzoon onlangs de diagnose dyslexie had gekregen. ‘Daar is toch veel aan te doen?’, vroeg ik wat verwonderd door zijn grote verdriet. ‘Jawel’, zei hij. ‘Maar ik snap nu eindelijk waar ík al mijn hele leven mee worstel. Toen ik de symptomen hoorde, vielen er allerlei kwartjes. Ik besefte dat ik zelf ook dyslexie heb. Alleen werd mij op school altijd verteld dat ik dom was. Ik moest achterin zitten, de plek voor de kinderen die niet goed konden leren. Gelukkig hoeft mijn kleinzoon dit niet mee te maken. Want het is altijd funest geweest voor mijn zelfvertrouwen.’   

 

Kortom, dat gebroken been is herkenbaar voor iedereen.

Maar die afwijkende ontwikkeling is heel andere koek. Geloof me, er is geen enkele ouder die graag wil dat zijn kind anders is en dat zwart op wit laat zetten. En geen enkele ouder geeft met een grote glimlach zijn kind medicatie. Ik ben ze nog nooit tegengekomen in ieder geval. Wel ouders die na heel lang aarzelen eindelijk onderzoek lieten doen. Die eigenlijk allang beseften dat er iets mis was, maar alsnog volledig van de kaart waren als ze de diagnose kregen. En ouders die met veel pijn in hun hart aan medicatie begonnen pas als ze zelf of hun kind bijna over het randje kukelden.

 

 

Geloof me, die ouders zijn stuk voor stuk superopvoeders.

Want als alles volgens het boekje gaat, is opvoeden al lastig genoeg. Als je kind anders is, kost dat heel veel meer energie, toewijding en inspanning om het groot te brengen. De ouders verdiepen zich in de afwijking, lezen daar boeken over, volgens cursussen of beginnen zelfs een studie om meer te weten te komen over het onderwerp. Daarnaast bezoeken ze praatgroepen en stimuleren ze hun kind waar mogelijk. Dat laatste betekent talloze uurtjes doorbrengen in wachtkamers als het kind therapie heeft, thuis hard aan de slag en dan ook nog niet de rest van het gezin tekort doen. Ga er maar aan staan!

 

Die ouders verdienen geen minachting vanuit de omgeving, maar juist onze volledige support.

Hoe je die kunt geven? Laat ze gewoon af en toe hun verhaal doen bij jou, bied je schouder aan om op uit te huilen, dat is vaak al genoeg. Gaan je eigen kinderen zonder etiket, label of diagnose door het leven? Dan heb je onwijs veel geluk. Koester dat geluk. En oordeel niet over anderen zonder dat je ooit in hun schoenen hebt gestaan.

 

Meer lezen over de ontwikkeling van kinderen? Kijk via deze link voor enkele suggesties. 

 

2017-08 Tekst: Alice ten Napel voor MoederBrein. Foto: Pexels.com.

 Baby- & kinderkleding