‘Hé, heb jij ook waterpokken?’

 

Toen jongste waterpokken had, had hij het vreselijk te pakken. Niet een beetje zoals de oudsten het vroeger hadden, nee heel erg. Ze zaten zelfs op zijn hoofdhuid en binnen in zijn mond. Zo zielig. Want die verkoelende zalf smeer je nu eenmaal niet in de mond. Eten was een beproeving. Als troost mocht hij zoveel ijsjes en yoghurt eten als hij wilde.

‘Wie heeft die stomme waterpokken uitgevonden’, jammerde hij zachtjes terwijl hij yoghurt naar binnen lepelde. Het antwoord moet ik hem schuldig blijven.

 

Ik zette hem in bad. Een washandje met havermout erin. Dat schijnt te helpen.

‘Mama mag ik in het washandje knijpen?’ 

‘Natuurlijk schat!’

Wist ik veel dat er een gaatje in het washandje zat. Opeens had zijn grote broer havermoutvlokken in zijn haar. Ha, ha.

De nachten verliepen dramatisch. Hij had koorts en kon niet slapen van de pijn. Hij gilde het hele huis bij elkaar. Hier moest een paracetamol aan te pas komen.

‘Wil je een tabletje met sinaasappelsmaak of een zetpil?’

‘Ik wil geen tabletje en geen pilletje’, huilde hij gefrustreerd. ‘Ik wil dat die waterpokken weggaan!’

Als ik dat nou zou kunnen regelen…

 

Na een paar van zulke nachten kunnen ze ons allemaal opvegen. Gelukkig gebeurde het tijdens een vakantie. Dat ontsloeg ons weer van vele verplichtingen. En langzamerhand verbeterde de situatie. Hij ging weer mee naar buiten. Terstond joeg hij mij weer het schaamrood naar de wangen toen hij vol onschuld heel enthousiast aan een volwassene met acne vroeg: ‘Hé, heb jij ook waterpokken?’

Tekst: Alice ten Napel voor MoederBrein Foto’s: Flickr – Photo Sharing

 Back to study